Andere Namen:
Portel Angelicus Pleco, L004, L005, L028, L073


Wetenschappelijke Naam:
Hypancistrus sp.


Gebied van origine:
Zuid Amerika:
L004/L005: Rio Tocantins bij Cametá, Brazilië.
L028: Guamá bij Ourém, Brazilië.
L073: Portel bij de Rio Do Pará rivier, Pará, Brazilië.


Maximale Grootte:
15cm.


Aquarium:
Deze kleinblijvende meerval geeft de voorkeur aan een gedimd aquarium met veel schuilplaatsen, in de vorm van planten, kienhout, rotsen en/of kunstmatige grotten. Om meerdere exemplaren van deze soort te houden, of om deze soort samen met andere bodembewoners te houden, is een aquarium van 100x40cm. benodigd, aangezien de soort vrij territoriaal kan zijn, en bij een gebrek aan schuilplaatsen kan de Angelicus Pleco zich nogal agressief tegenover andere bodembewoners gedragen. Indien het de enige bodembewoner in het aquarium is, is een aquarium van 80x35cm. voldoende, maar hij doet het het best in gezelschap van een paar soortgenoten in een eigen aquarium.
Deze soort doet het het beste in zacht, licht zuur tot neutraal water (pH 6-7,5 en dH 2.0-15.0), rijkelijk voorzien van zuurstof en met veel stroming. Een sterk filter is belangrijk, aangezien deze vis veel afvalstoffen produceert.


Temperatuur:
15°C 22-30°C 35°C


pH:
5.0 5.5-7.5 9.0
 Ideale omstandigheden
 Geschikte omstandigheden
 Ongeschikte omstandigheden


Dieet:
Een snelle blik op de tanden van deze meerval verraadt dat we het hier met een carnivoor van doen hebben. Deze Pleco doet zich graag tegoed aan voedsel zoals garnalen, krill, mosselen, stukjes rauwe vis, bloedwormen en muggenlarven en zinkende voedertabletten voor carnivoren. Eenmaal geacclimatiseerd zal deze vis vaak ook plantaardig voedsel als algen/meerval tabletten tot zich nemen. Als algenopruimer is deze soort overigens volledig ongeschikt, vanwege zijn voornamelijk carnivore aard.


Temperament:
Niet agressief zolang er voldoende ruimte en, belangrijker nog, schuilplaatsen aanwezig zijn: minimaal een per exemplaar. Zoals alle andere soorten uit het geslacht Hypancistrus is het aanbevolen om deze soort in een klein groepje te houden, omdat dan een meer natuurlijk gedrag vertoond wordt en de dieren zich beter op hun gemak voelen.
Is er niet voldoende ruimte, of zijn er te weinig schuilplaatsen aanwezig, dan kunnen echter heftige gevechten uitbreken, waarbij er zeker gewonden kunnen vallen!
Ideale voortplantings-omstandigheden voor deze soort omvatten snelstromend, warm water (28-30 graden Celsius) met een hoog zuurstofgehalte. Dat laatste kan tot stand gebracht worden met behulp van een aan een filter of stromingspomp aangesloten diffusor-stuk (een uitbreiding op de uitstromer dat lucht aan het water toevoegt), of door de uitstroom van een van de filters op oppervlakte-niveau te plaatsen, waardoor de wateroppervlakte gebroken wordt, en uitwisseling van gassen kan plaatsvinden (CO2 wordt uitgewisseld voor zuurstof). De bak moet ingericht zijn met kunstmatige broedgrotten (of iets soortgelijks van rotsen/kienhout). De ingang moet worden voorzien van sterke stroming. De ideale verdeling van de sekses is 2 of 3 vrouwtjes per mannetje.


Opmerkingen:
De Angelicus Pleco heeft meerdere L-nummers toegekend gekregen, en tot op de dag van vandaag is nog niet onderzocht of het hier om locale varianten van een en dezelfde soort gaat, ofwel dat het gaat om verschillende soorten.
L004 is een jong exemplaar van L005, en L028 en L073 zijn bijna identiek, maar worden op verschillende locaties gevonden.




Angelicus Pleco
Volgroeid (15cm.) volwassen mannetje




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco
Stress kleuring




Angelicus Pleco
Stress kleuring




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Angelicus Pleco




Valid XHTML Strict 1.0