Andere Namen:
Leopard Zebra Pleco, Panther Pleco, L174


Wetenschappelijke Naam:
Hypancistrus sp.


Gebied van origine:
Zuid Amerika: Rio Xingú bij Altamira, Pará, Brazilië.


Maximale Grootte:
6-8cm.


Aquarium:
Deze kleinste Hypancistrus-soort geeft de voorkeur aan een gedimd aquarium met veel schuilplaatsen, in de vorm van planten, kienhout, rotsen en/of kunstmatige grotten. Om meerdere exemplaren van deze soort te houden, of om deze soort samen met andere bodembewoners te houden, is een aquarium van 100x40cm. benodigd, aangezien de soort vrij territoriaal kan zijn, en bij een gebrek aan schuilplaatsen kan de Ocelot Pleco zich wat onverdraagzaam tegenover andere bodembewoners gedragen. Indien het de enige bodembewoner in het aquarium is, is een aquarium van 50x30cm. voldoende een enkel exemplaren, maar hij doet het het best in gezelschap van een paar soortgenoten in een eigen aquarium van 60cm. lengte of meer.
Alhoewel deze soort sterk en aanpassingsvaardig is, doet hij het het beste in zacht, licht zuur tot neutraal water (pH 6-7,0 en dH 2.0-15.0), rijkelijk voorzien van zuurstof en met veel stroming. Een sterk filter is belangrijk, aangezien deze vis veel afvalstoffen produceert.


Temperatuur:
15°C 24-30°C 35°C


pH:
5.0 5.5-7.5 9.0
 Ideale omstandigheden
 Geschikte omstandigheden
 Ongeschikte omstandigheden


Dieet:
Een snelle blik op de tanden van deze meerval verraadt dat we het hier met een carnivoor van doen hebben. De Ocelot Pleco doet zich graag tegoed aan voedsel zoals garnalen, krill, mosselen, stukjes rauwe vis, bloedwormen en muggenlarven en zinkende voedertabletten voor carnivoren. Eenmaal geacclimatiseerd zal deze vis vaak ook plantaardig voedsel als algen/meerval tabletten tot zich nemen. Als algenopruimer is deze soort overigens volledig ongeschikt, vanwege zijn voornamelijk carnivore aard.


Temperament:
Niet agressief zolang er voldoende ruimte en, belangrijker nog, schuilplaatsen aanwezig zijn: minimaal een per exemplaar. Zoals alle andere soorten uit het geslacht Hypancistrus is het aanbevolen om deze soort in een klein groepje te houden, omdat dan een meer natuurlijk gedrag vertoond wordt en de dieren zich beter op hun gemak voelen.
Is er niet voldoende ruimte, of zijn er te weinig schuilplaatsen aanwezig, dan kunnen echter heftige gevechten uitbreken, waarbij er zeker gewonden kunnen vallen!
Ideale voortplantings-omstandigheden voor deze soort omvatten snelstromend, warm water (28-30 graden Celsius) met een hoog zuurstofgehalte. Dat laatste kan tot stand gebracht worden met behulp van een aan een filter of stromingspomp aangesloten diffusor-stuk (een uitbreiding op de uitstromer dat lucht aan het water toevoegt), of door de uitstroom van een van de filters op oppervlakte-niveau te plaatsen, waardoor de wateroppervlakte gebroken wordt, en uitwisseling van gassen kan plaatsvinden (CO2 wordt uitgewisseld voor zuurstof). De bak moet ingericht zijn met kunstmatige broedgrotten (of iets soortgelijks van rotsen/kienhout). De ingang moet worden voorzien van sterke stroming. De ideale verdeling van de sekses is 2 of 3 vrouwtjes per mannetje.




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Ocelot Pleco




Valid XHTML Strict 1.0